Van Best naar Slenaken
Vandaag vertrokken we vanuit Best met regenachtig weer naar onze eerste stop in Valkenburg.
Gelukkig was het niet al te druk onderweg zodat we redelijk snel konden doorrijden.
In Valkenburg aangekomen gingen we eerst naar het kolenmijnmuseum.
We waren nog wat vroeg omdat de toer op elk uur worden gehouden, maar dat hinderde niet, het was er lekker warm en droog en gaf ons de tijd om het toilet te bezoeken.
Even voor een uur werd de kassa weer geopend en er waren ondertussen nog meer bezoekers gekomen.
We kregen eerst een film te zien die uitlegde en toonde hoe het was om in de mijn te werken.
Daarna werden we door een gids rondgeleid.
De mijn is trouwens geen echte kolenmijn, maar een omgebouwde mergelgrot die op diverse plekken zwart was geschilderd voor het juiste effect.
Er waren vele oude machines te zien die in de echte mijnen gebruikte werden en ook kon je zien hoe de mijnen gestut werden tijdens het delven, want als een kolenlaag gedolven was lieten ze het dak gewoon instorten.
De gids vertelde dat zover hij wist er maar 2 maal ongelukken met doden zijn geweest in Nederland en dat er geen kinderen of vrouwen in de mijnen mochten werken.

Valkenburg
Hierna werd het tijd om de rest van Valkenburg te verkennen en een hapje te gaan eten.
Na wat zoeken naar parkeerplaatsen voor mindervalide (een aantal waren bezet zonder de bekende kaarten achter de voorruit) gingen we de oude stad in.
Gelukkig waren alle terrassen overdekt en hingen er overal heaters die de boel lekker warm hielden.
Na de lunch gingen we oud Valkenburg in, doordat het slecht weer was, was het er ook niet zo druk en konden we alles goed bekijken en fotograferen.
Hierna gingen we op weg naar ons hotel, de navigatie leidde ons over smalle wegen door Zuid-Limburg, en dankzij het wat slechtere weer geen enkele fietser gezien.
